maandag 22 juni 2026

Tussen Twee Werelden deel 3

Koffie Op Donderdag


De dagen na hun tweede ontmoeting gingen voorbij zoals dagen dat meestal doen.

Werk.
Boodschappen.
Huishouden.
Slapen.
Opstaan.

Op papier was er niets veranderd.
Maar Eva merkte dat haar gedachten steeds vaker afdwaalden.

Niet voortdurend.
Niet obsessief.
Gewoon af en toe.

Wanneer ze langs het café reed.
Wanneer ze een liedje hoorde dat Daan had genoemd.
Wanneer ze in een boekwinkel stond en zich afvroeg welk soort boeken hij eigenlijk las.

Ze vond het irritant.
Niet omdat ze hem niet aardig vond.
Integendeel.
Dat was juist het probleem.

Ze had geleerd voorzichtig te zijn.
Mensen konden in korte tijd een groot deel van je leven worden.
En soms waren ze daarna ineens weg.

Daarom bouwde Eva niet snel verwachtingen op.
Verwachtingen deden pijn wanneer ze instortten.

Toch betrapte ze zichzelf erop dat ze op donderdagavond iets langer voor haar kledingkast bleef staan.
"Belachelijk," mompelde ze tegen zichzelf.

Ze pakte een trui.
Legde hem terug.
Pakte een andere.
Legde die ook terug.

Uiteindelijk trok ze gewoon haar favoriete donkergroene trui aan.

Niets bijzonders.

Maar toen ze zichzelf in de spiegel zag, wist ze dat ze had gelogen.
Ze had wel degelijk nagedacht over wat ze aantrok.
En ze wist ook waarom.

---

Het café was drukker dan normaal.
Het regende niet.
Misschien lag het daaraan.
Misschien hadden meer mensen behoefte aan gezelschap op een doordeweekse avond.

Eva bestelde thee en keek rond.
Niet bewust.
Dat hield ze zichzelf tenminste voor.
Maar toen ze hem niet zag, voelde ze een kleine teleurstelling.
Een teleurstelling die nergens op sloeg.
Ze kende hem nauwelijks.

Waarom zou hij hier zijn?
Hij had nooit gezegd dat hij elke donderdag kwam.
Ze schudde haar hoofd.
En pakte haar boek.
Na een paar pagina's begon ze eindelijk in het verhaal te komen.
Tot iemand tegenover haar ging zitten.

"Ik begin te denken dat je hier woont."
Eva keek op
.
Daan.

Ze voelde zichzelf glimlachen voordat ze het kon tegenhouden.
"Ik dacht hetzelfde van jou."

"Mooi."
Hij ging zitten.
"Dan zijn we het ergens over eens."

Hij zag er ontspannen uit.
Meer dan de vorige keren.
Zijn ogen waren nog steeds wat vermoeid, maar de zwaarte die ze tijdens hun eerste ontmoeting had gezien leek minder aanwezig.

"Lees je echt?" vroeg hij terwijl hij naar haar boek keek.
"Ja."
"Vrijwillig?"
"Nee, onder dwang."
Hij lachte.

"Ik wist dat ik je niet moest vertrouwen."

Eva sloot haar boek.

"Wat lees jij dan?"
"Van alles."
"Dat is geen antwoord."
"Spannende boeken."
"Nog steeds geen antwoord."

Hij deed alsof hij diep nadacht.

"Boeken waarin mensen domme keuzes maken."
"Dat zijn bijna alle boeken."
"Precies."

Eva moest lachen.

Het viel haar op hoe gemakkelijk praten met hem ging.
Normaal duurde het langer voordat ze zich op haar gemak voelde bij iemand.
Veel langer.

Maar bij Daan leek er geen druk te zijn.
Geen verwachtingen.
Geen spelletjes.
Alleen gesprekken.

---

Ze praatten uren.
Over hun jeugd.
Over vakanties.
Over werk.
Over muziek uit de jaren negentig.
Over dingen die belangrijk waren.
En dingen die totaal niet belangrijk waren.

Op een gegeven moment vertelde Eva over haar eerste vakantie alleen.
Hoe ze per ongeluk in het verkeerde hotel terecht was gekomen.
Daan lachte zo hard dat andere mensen omkeken.

"Dat is niet grappig."
"Jawel."
"Ik heb drie uur gezocht."
"Dat maakt het juist grappig."

Ze probeerde streng te kijken.
Maar het lukte niet.
Zijn lach werkte aanstekelijk.

Toen zijn lachen langzaam wegstierf, bleef hij haar even aankijken.
Net iets langer dan normaal.
Eva voelde het direct.
Dat moment waarop een gesprek verandert.

Niet groot.
Niet zichtbaar voor anderen.
Maar voelbaar.
Alsof er iets verschuift.

Zijn glimlach werd zachter.
"Ik ben blij dat ik je ben tegengekomen."

De woorden waren eenvoudig.
Maar ze kwamen onverwacht.

Eva keek naar haar thee.
"Dat zeg je best snel."
"Misschien."
"Misschien?"

Hij haalde zijn schouders op.
"Ik zeg gewoon wat ik denk."
"Dat is gevaarlijk."
"Waarom?"

Eva dacht even na.

"Omdat mensen vaak dingen beloven die ze niet waar kunnen maken."

Zijn glimlach verdween niet.
Maar werd wel kleiner.
"Dat doe ik niet."

Ze keek op.

Voor het eerst die avond leek er iets kwetsbaars zichtbaar.
Een kort moment.
Een scheurtje in het masker.
Alsof die woorden meer betekenis hadden dan het gesprek vroeg.

---

Even later liep Daan naar de bar om nieuwe koffie te halen.
Eva keek hem na.
Ze zag hoe hij met de barman praatte.
Hoe hij glimlachte.
Hoe hij vriendelijk was tegen iedereen.
Maar nu ze beter keek, zag ze ook iets anders.

Soms leek zijn glimlach net iets te snel te verdwijnen.
Alsof hij hem bewust vasthield.
Alsof vrolijk zijn iets was wat moeite kostte.

Ze wist niet waarom dat haar opviel.
Misschien omdat ze in de zorg werkte.
Misschien omdat ze gewend was achter mensen te kijken.
Misschien omdat ze zich zorgen begon te maken over iemand die ze nauwelijks kende.

Toen Daan terugkwam, zette hij een nieuw kopje thee voor haar neer.
Eva keek verbaasd op.

"Die had je niet hoeven betalen."
"Dat weet ik."
"Waarom deed je het dan?"

Hij ging zitten.
"Omdat ik dat wilde."
"Dat is geen logische reden."
"Voor mij wel."

Eva schudde lachend haar hoofd.
"Je bent vreemd."
"Dat hoor ik vaker."

---

Tegen sluitingstijd verlieten ze samen het café.
De avondlucht was koel.
De straat was rustiger geworden.
In de verte klonk muziek vanuit een café verderop.
Ze liepen langzaam richting de parkeerplaats.
Niemand leek haast te hebben.
"Heb je plannen dit weekend?" vroeg Daan.

Eva keek opzij.
Daar was hij.
De eerste echte vraag.
Niet zomaar een gesprek.
Een opening.
Ze voelde het direct.

Daan leek dat ook te beseffen.
Zijn blik werd iets onzekerder.
Bijna nerveus.
Wat haar verbaasde.
Hij kwam meestal zelfverzekerd over.
"Niet echt," zei ze.
"Mooi."
"Waarom is dat mooi?"

Hij keek naar zijn schoenen.
Een seconde.
Misschien twee.
Daarna weer naar haar.
"Omdat ik dacht..."

Hij stopte.

"Wat dacht je?"
Hij lachte ongemakkelijk.
"Dat ik misschien zou kunnen vragen of je ergens koffie wilt drinken."

Eva voelde haar hart een slag overslaan.
Niet omdat de vraag onverwacht was.
Eigenlijk had ze hem zien aankomen.
Maar omdat ze ineens besefte dat dit geen toevallige ontmoetingen meer waren.
Dit was iets anders.
Iets dat een richting begon te krijgen.
En juist dat maakte haar voorzichtig.

Ze keek naar de donkere lucht.
Naar de auto's.
Naar alles behalve hem.
"Dat klinkt gezellig."

Daan glimlachte.
Opluchting.

Heel even zag ze het.
Alsof hij zijn adem had ingehouden.
"Dat is geen nee."
"Nee."
"Dat klinkt hoopvol."
Eva lachte.
"Misschien."
"Je gebruikt dat woord veel."
"Misschien."

Hij schudde hoofdschuddend lachend zijn hoofd.

---

Toen ze uiteindelijk bij haar auto stonden, bleef het even stil.
Niet ongemakkelijk.
Gewoon een stilte waarin geen van beiden als eerste wilde vertrekken.
"Zaterdag?" vroeg Daan.
Eva knikte.
"Zaterdag."
Zijn glimlach verscheen opnieuw.
Warm.
Oprecht.

En voor het eerst sinds ze hem kende zag hij er echt gelukkig uit.
Niet alsof hij deed alsof.
Niet alsof hij iets verborg.
Gewoon gelukkig.

Eva stapte in haar auto.
Ze keek nog één keer naar hem voordat ze de deur sloot.
En heel even dacht ze dat alles misschien eenvoudiger kon zijn dan ze altijd had geloofd.
Dat sommige ontmoetingen gewoon mooi mochten zijn.
Zonder waarschuwingen.
Zonder angst.
Zonder pijn.

Maar ergens diep vanbinnen voelde ze ook iets anders.
Een onverklaarbare onrust.
Een gevoel dat ze niet kon benoemen.
Alsof het leven een bladzijde had omgeslagen.
En niemand nog wist wat er op de volgende pagina stond.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten